CIB: “Stop ongelijke consumentenbescherming tussen bouwpromotoren en erkende aannemers”

Nieuws

De vastgoedsector hoopt op voldoende politieke moed om komaf te maken met de ongelijke consumentenbescherming voor wie een woning op plan koopt.

Op een moment dat één van de grootste faillissementdossiers uit de Belgische immobiliënsector dreigt te verjaren, hoopt de vastgoedsector op genoeg politieke moed om komaf te maken met de ongelijke consumentenbescherming voor wie een woning op plan koopt. Of men nu via een bouwpromotor of een erkende aannemer koopt, in beide gevallen zou de consument 100% zekerheid moeten krijgen dat de woning ook effectief gebouwd zal worden.

Helaas is dat vandaag nog niet helemaal het geval en kan enkel de consument die met een bouwpromotor samenwerkt op een 100% voltooiingswaarborg rekenen. Dat stelt de Vlaamse vastgoedmakelaardij – met name de grootste beroepsorganisatie van vastgoedprofessionals CIB Vlaanderen en het controleorgaan van de sector, het BIV.

Alarmbel
Vijftien jaar geleden ging de Algemene Bouwcentrale (ABC) failliet. Enkele honderden families hadden op dat moment een voorschot betaald, maar hun appartement bestond alleen op papier. Wat volgde staat intussen bekend als “één van de grootste faillissementdossiers uit de Belgische immobiliënsector”. Uit de pers bleek intussen dat het dossier dreigt te verjaren, waardoor de gedupeerde gezinnen hun geld mogelijk niet meer zullen terugzien.
In de loop der jaren heeft de wetgever heel wat garanties ingebouwd voor de consument die een woning op papier koopt. Toch wil de vastgoedmakelaardij de alarmbel luiden, want een gelijkaardig fraudeleus faillissement als in de jaren ’90 is vandaag echter nog altijd niet uitgesloten. De grootste beroepsorganisatie van vastgoedprofessionals spreekt dan ook van een pijnlijke vaststelling, niet in het minst nu ons land met een recordaantal faillissementen wordt geconfronteerd.

100% bankgarantie
Eén van de problemen is dat er nog steeds een onderscheid wordt gemaakt tussen de maximale financiële bescherming door de bouwpromotor en de eerder beperkte financiële bescherming door de erkende aannemer. Uiteraard toont de erkenning van de aannemer zijn solvabiliteit en deskundigheid aan, maar het biedt de consument nog steeds niet dezelfde individuele garantie als bij een bouwpromotor.

De woningbouwwet, beter gekend als de Wet Breyne, stelt zo dat elke bouwpromotor ervoor moet zorgen dat een financiële instelling een voltooiingswaarborg verleent gelijk aan 100% van de bouwprijs. Als de bouwpromotor failliet gaat, kan de consument er zeker van zijn dat een financiële instelling de nodige sommen op tafel zal leggen om het gebouw af te werken. Die garantie geldt vandaag niet voor de consument die met een erkende aannemer samenwerkt. In dat geval volstaat een waarborg voor de goede uitvoering van 5% van de bouwprijs. Deze dient voor gebreken die de aannemer na de oplevering zou moeten verbeteren.

Volgens de sector is dat niet alleen discriminatoir, het is ook nadelig voor de consument.

Drama’s vermijden
Naar aanleiding van de actualiteit vraagt CIB Vlaanderen, gesteund door het BIV, om de ongelijkheid tussen de bouwpromotor en de erkende aannemer opnieuw op de politieke agenda te plaatsen. Nog geen enkel parlementair initiatief dat de gelijkschakeling naar de beste garantie voor de consument beoogde, behaalde tot nu toe de eindmeet. De vraag is wat het parlement nog tegenhoudt om dit laatste hiaat in de betreffende wet te wijzigen.

De vastgoedmakelaardij is vragende partij en voor de consument kan het alvast heel wat drama’s vermijden.

Niet gevonden wat je zocht?

Probeer het nogmaals in onze zoekmachine.

Gerelateerde artikels