Hoe kan je je huis beveiligen?

Inbraak- en brandbeveiliging

Een inbraak betekent niet alleen een aanslag op je materiële bezittingen, maar vooral een ongewenst binnendringen in je privéleven. Gelukkig zijn er verschillende manieren om je huis te beveiligen: een overzicht in 6 stappen.

Een inbraak betekent niet alleen een aanslag op je materiële bezittingen, maar vooral een ongewenst binnendringen in je privéleven. Gelukkig zijn er verschillende manieren om je huis te beveiligen: een overzicht in 6 stappen.

Naar schatting vinden in België jaarlijks zo’n 80.000 inbraken en/of inbraakpogingen plaats. Met andere woorden: één om de 6,5 minuten. Meestal lees je er alleen maar over in de krant of je hoort ervan omdat het gebeurd is bij kennissen, een ver familielid of ergens in de buurt. Als je degenen die het overkwam erover hoort praten, valt het op dat vooral de inbreuk op de privacy en het doorbreken van de intimiteit de slachtoffers raakt. Het feit dat iemand ongenood in hun huis is binnengedrongen en aan hun spullen heeft gezeten, is indringender dan de gestolen goederen op zich. Wie het heeft meegemaakt, wil te allen prijze een herhaling voorkomen en neemt maatregelen: alle mogelijke inbraakverhinderende middelen worden geïnstalleerd en de verzekeringspolis inbraak wordt aangepast. Laat het zover niet komen: aan inbraakpreventie doe je best voor het kwaad geschied is. Wat kan je ondernemen? Wij zetten het voor jou op een rij.

1. Wat je moet weten over inbraak en inbrekers

Specialisten maken een onderscheid tussen de professionele inbrekers en de ‘amateurs’. De eersten zijn vooral geïnteresseerd in de grootst mogelijke buit die ze in één slag kunnen binnenhalen. Ze zullen de braak nauwgezet voorbereiden, de nodige middelen inzetten en ervoor zorgen dat ze zo snel mogelijk kunnen verdwijnen met de buit die ze ook zo snel mogelijk van de hand zullen doen. Dit type inbrekers is bijgevolg niet geinteresseerd in een doorsneewoning, maar zal zich richten op luxueuze villa’s waar de te verwachten buit het lopen van risico’s waard is.

De amateur-inbreker werkt veel minder georganiseerd en laat zich vaker leiden door de gelegenheid. Hij zal een deur of een venster proberen te openen met eenvoudige werktuigen, zoals schroevendraaiers, tangen, wiggen, … Bovendien blijkt dat de amateur meestal na drie minuten zijn poging om binnen te komen zal opgeven om elders zijn geluk te beproeven. Toch zijn het deze amateur-inbrekers die verantwoordelijk zijn voor 80 % van alle inbraakpogingen én voor het grootste deel van de inbraken in woningen.

De inbreker kiest zijn doelwit. Vaak gaat hij daarbij (soms onbewust) systematisch te werk. Na keuze van stad of gemeente spitst hij zich toe op een wijk of gehucht, vervolgens op een straat, dan op een huis, dan op een huisgevel en ten slotte op een deur of raam. Inbrekers denken daarbij aan de geschatte mogelijke buit, de pakkans door sociale controle, de vluchtwegen en de beveiliging. Zo gezien is het logisch dat je in bepaalde buurten meer risico hebt op inbraak dan in andere. Een voorbeeld: een villawijk, met allemaal alleenstaande woningen netjes afgeschermd van de straat, zal op inbrekers een grotere aantrekkingskracht uitoefenen dan een rij arbeiderswoningen in een buurt waar de sociale controle nog groot is.

Verder is het een misvatting dat inbrekers alleen actief zijn ‘s nachts: een belangrijk deel van alle woninginbraken gebeurt overdag. Veel woningen zijn op dat moment immers verlaten omdat de bewoners uit zijn, boodschappen doen, uit werken gaan … Waardoor de kans op ongestoord werken groter wordt.

2. Evalueer je woning

Kan een inbreker ongestoord, onzichtbaar en onhoorbaar voor buren en voorbijgangers werken en heeft hij daardoor alle tijd van de wereld, dan zal hij áltijd binnen raken. De kans op inbraak is echter niet voor elk gebouw gelijk. Allerlei aspecten spelen daarbij een rol: de aard van het gebouw (rijwoning, alleenstaande villa, appartement …), de omgeving (een drukke straat of juist niet), de kwaliteit van het toegepaste hang- en sluitwerk en de aanwezigheid van andere preventieve voorzieningen. Precies omdat inbrekers, wanneer het allemaal te lang gaat duren en de pakkans groter wordt, hun inbraakpoging staken, is preventie er niet zozeer op gericht om inbraak onmogelijk te maken (dan moet je je huis tot een echte kluis ombouwen), maar om inbrekers zo veel mogelijk te hinderen. Namelijk door de tijd nodig om een pand te kraken aanzienlijk te verlengen zodat ze hun poging staken. En uiteraard liefst tegen een aanvaardbare prijs.

De eerste stap is daarom een grondige evaluatie maken van je woning. Hoe groot is de kans dat een inbreker bij jou op bezoek komt en welke zijn de zwakke punten van je woning?

Is je huis omringd door een haag zodat de voordeur vanop straat niet zichtbaar is?

Is de straat waar je woont overdag verlaten?

Is je woning gelegen aan een op- en afrit van de snelweg?

Kunnen de ramen vergrendeld worden?

Zijn de sloten van de deuren voldoende veilig? …

Een uitgebreide checklist kan je vinden op http://www.vps.fgov.be. Het is een interactieve checklist die je dus online moet invullen, wat een tiental minuten zal vragen. Na het beantwoorden van je vragen krijg je een veiligheidskwotering en raadgevingen van wat je prioritair dient aan te pakken om de inbraakveiligheid van je woning of appartement te verhogen. Bovendien krijg je automatisch het adres van de preventieadviseur in je buurt te zien. Deze man of vrouw komt ter plaatse (op afspraak) en geeft je eenzelfde, gepersonaliseerde service. Je kan het adres van deze preventieadviseur ook vinden via het commissariaat van je gemeente.

3. Zorgvuldigheid is de eerste beveiliging

Goede gewoonten, in het vakjargon ook wel organisatorische maatregelen genoemd, kosten niks. Ze vragen enkel een beetje aandacht en toch kan je door zelf zorgvuldig en alert te zijn, de kans op inbraak aanzienlijk verminderen! Enkele tips:

Laat nooit deuren en vensters open, ook niet als je maar even weggaat. Het meegraaien van enkele waardevolle voorwerpen is zo gebeurd! Vermijd daarom dat je woning een tentoonstellingsruimte wordt en zorg ervoor dat dure en aantrekkelijke voorwerpen (computer, dvd, …) niet meteen zichtbaar zijn voor voorbijgangers.

Laat geen sleutels rondslingeren of op deuren zitten. Verstop ze zeker niet onder de mat of onder de bloempot: dat is al te voor de hand liggend. Hang nooit een etiket met adres aan je sleutelbos. Het kan een gebruiksaanwijzing zijn voor een inbreker.

Ladders of gereedschappen die in de tuin achterblijven, zijn een buitenkansje voor de inbreker. Sluit dat alles weg. Opgelet met dure tuingereedschappen: sluit ze veilig weg in een stevig tuinhuisje. Een grote grasmaaier of zitmaaier is een buitenkans voor de dief.

Een garage die op de straat uitgeeft open laten staan, is bijna zoveel als een uitnodiging. Een dief kan er snel een aantrekkelijke buit bijeengraaien, zeker als de garage ook (of vooral) gebruikt wordt als opslag- en knutselruimte.

Zorg ervoor dat je huis geen onbewoonde indruk maakt. Neergelaten rolluiken verraden afwezigheid. Omgekeerd: ben je ‘s avonds op stap, laat dan een licht branden; of laat overdag de radio aanstaan. Ben je lange tijd afwezig? Spreek dan met buren/vrienden/familie af om de brievenbus leeg te halen en de rolluiken dagelijks op te trekken.

Meer praktische tips kan je vinden in de brochures die uitgegeven worden door de federale overheid en door de federale politie. Je kan ze vinden in je commissariaat of op volgende sites


http://www.polfed-fedpol.be


http://www.vps.fgov.be

4. Mechanische beveiling van je woning

Heb je de zwakke punten van je woning bepaald met behulp van de checklist (zie hoger) of werd dit gedaan door de preventieadviseur dan kan je beslissen welke mechanische beveiligingen er nodig zijn. Het gaat dan over de openingen in de gevel, voornamelijk deuren en vensters op het gelijkvloers. Maar ook dakramen, keldergaten, lichtkoepels, … komen in aanmerking.

De voordeur wordt door de meeste mensen reflexmatig versterkt of stevig gekozen, maar de achterdeur blijft dikwijls in de kou staan. Zowel deuren als vensters hebben dankzij het TIS-project een classificatie gekregen wat inbraakveiligheid betreft. Dit project – een samenwerking van het WTCB en de sector buitenschrijnwerk – gaat over de classificatie van inbraak-RISICO. Dat risico verschilt immers van woning tot woning (zie boven). Door TIS worden woningen qua risico ingedeeld in categorieën van 1 t.e.m. 4. In de categorie 1 is er weinig risico, categorie 4 betekent dat het risico groot is. Naargelang van deze classificatie wordt een aangepast buitenschrijnwerk voorzien. Voor meer uitleg hierover kan je terecht op www.tis-inbraak.be (uitsluitend in het Nederlands en het Engels).

De beglazing is meestal een zwak punt. Biedt je woning een groter risico op inbraak, dan is een duurdere veiligheidsbeglazing een aanrader. Die bestaat uit gelaagd glas (verschillende dunne glasplaten onderling verbonden door een of meer stevige PVB (kunststof)-films), dat niet makkelijk doorbroken kan worden. Een combinatie van drie cijfers geeft de samenstelling van het veiligheidsglas aan: de eerste twee slaan op de dikte van de glasplaten, het derde geeft het aantal PVB-films aan. Bijvoorbeeld: 4.4.2 is een enkel veiligheidsglas samengesteld uit twee glasplaten van 4 mm dikte met twee PVB-films ertussen. Het type beglazing verschilt naargelang van de veiligheidsklasse. Veiligheidsglas is in dubbele beglazing perfect combineerbaar met een traditionele glasplaat. Het veiligheidglas wordt best geplaatst aan de binnenzijde van het dubbele glas om twee redenen: het breken van enkel glas maakt veel lawaai waardoor de kans groot is dat de inbreker op de loop gaat én in geval van glasbraak is er weinig risico op verwonding van de inwoners door kleine stukjes glas. De leverancier van ramen kan je daarover meer uitleg geven.

Een goed slot en een meerpuntssluiting (waarbij het slot niet op één maar wel op meerdere punten een verbinding maakt met het deurkader) vormen een betere bescherming dan het eenvoudige slot. Veiligheidsramen zijn voorzien van paddenstoelvormige sluitpunten geplaatst aan de vier zijden van het raam en van een vensterkruk met slot. Bovendien, en naargelang van de veiligheidsklasse, kunnen ook de raamprofielen versterkt zijn (interne versterkingsprofielen, inbraakveilige glaslatten …). De combinatie versterkte profielen, inbraakbeslag en veiligheidsglas vormt een optimale inbraakbescherming.

Voor appartementen of afgelegen woningen is een deur- spionnetje (zodat je kan zien wie er aanbelt) of een videofoon (zie ook artikel over domotica op pag 46) interessant. Een deurketting, die toelaat de deur op een kier te openen maar belet dat iemand binnen kan, is eveneens een aanrader.

Luiken en rolluiken bieden niet alleen een bijkomende thermische en akoestische isolatie maar vormen een extra hindernis voor de kwaadwillende inbreker. Sommige modellen zijn zelfs speciaal inbraakwerend.

Een goede buitenverlichting zal de inbreker, die immers liever ongezien werkt, storen. Enkele hooggeplaatste gevelspots voorzien van een bewegingsdetector maken een ongezien naderen van de woning onmogelijk.

5. Elektronische beveiliging: de alarmsystemen

Vind je je woning met al de voorgaande maatregelen nog niet voldoende beveiligd, dan is een alarmsysteem de logische volgende stap. Er is keuze genoeg. Bedenk wel dat er een uitgebreide wetgeving bestaat die je strikt moet volgen en dat zowel het materiaal als de installateur een aggregatie (een soort bekwaamheidsdiploma, nvdr) moet bezitten. Draadloze systemen kunnen ook makkelijk in bestaande woningen geïntegreerd worden zonder kap- en breekwerk voor de bekabeling.

Een koppeling aan een bewakingssysteem (een firma die vanop afstand je huis en de alarmen kan opvolgen) was tot nog toe een zeer dure zaak. Grote firma’s bieden tegenwoordig aan om tegen een vast maandelijks bedrag die opvolging te doen. Er bestaat een uitgebreid gamma aan mogelijkheden: van eenvoudig vaststellen van een alarm en een gsm-berichtje naar de eigenaar tot het met camera’s volgen van wat er bij jou gebeurt (als je afwezig bent) en het verwittigen van de politie in geval van reële inbraak.

Opgelet: de prijs van een volledige service kan hoog oplopen en is misschien economisch niet verantwoord voor iedereen.

Adressen van installateurs vind je in de Gouden Gids en op het internet. Meer informatie over de wetgeving i.v.m. alarmsystemen kan je vinden op www.vigilis.be.

6. Last but not least: de verzekering

De optie ‘diefstal’ is een aanvulling van de verzekering ‘globale woning’. Naast de verzekerde woning is er de verzekerde inboedel (de inhoud van je woning).

Polissen zijn echter niet altijd even duidelijk: is een tuinhuisje begrepen in de verzekering en de inhoud ervan? Zijn tuinmeubilair en barbecues inbegrepen? Wat is de verzekerde waarde? En welke waarde van materialen wordt terugbetaald? Nieuwwaarde of nieuwwaarde minus ouderdom? Allemaal punten die je klaar en duidelijk moet omschrijven in je polis vooraleer je ondertekent. Vergeet ook niet om je makelaar of je verzekeraar te verwittigen als je een belangrijke aankoop hebt gedaan (plasma-tv of home cinema bijvoorbeeld). Je premie zal wel stijgen, maar je blijft dan wel goed verzekerd.

Voor de verzekering is het belangrijk om eerst en vooral een inventaris te maken van de waardevolle voorwerpen in huis. Door je spullen te ‘merken’, foto’s te nemen (van bijvoorbeeld juwelen) en de registratienummers te noteren, maak je een eventuele identificatie achteraf makkelijker. Op de site www.vps.fgov.be kan je onder ‘Onze brochures’ een document downloaden dat heet ‘Save your numbers: Registratieformulier waardevolle voorwerpen’. Dit formulier laat je toe om al je waardevolle voorwerpen te registreren. Maar je kan ook de Casas Pocket over veiligheid – gratis bij dit nummer – hiervoor gebruiken. Bewaar die samen met foto’s van de voorwerpen of toestellen, met eventuele serienummers of andere erin gegraveerde nummers op een veilige plaats (safe of banksafe bv.).

Voor het zelf graveren zijn er speciale graveer- en merkpennen te koop. De schadevaststelling wordt door het graveren belangrijk vereenvoudigd. Goed gemerkte voorwerpen zijn voor dieven waardeloos. Gebruik voor het merken bv. je identiteitskaartnummer. Dankzij dit nummer kan de federale politie de eigenaar makkelijk terugvinden. Zelfs bij vervanging van uw identiteitskaart kunnen zij dit nummer steeds terugvinden.

Als je je woning beter beveiligt tegen inbraak zou je kunnen denken dat je verzekeraar je verzekeringspremie ‘diefstal’ zal verlagen. Dat is echter niet vanzelfsprekend. Sommigen gaan ervan uit dat de terugbetaling groter zal zijn bij inbraak (om je beter beveiligde deuren en ramen te vervangen) en verlagen het bedrag van je premie niet. Je zal bijgevolg moeten onderhandelen.

Anderzijds zal je verzekering misschien een hogere premie aanrekenen als je veel waardevolle goederen hebt, maar geen goede inbraakbeveiliging. Ze kan je ‘verplichten’ om een alarminstallatie te plaatsen, als voorwaarde om toch een verzekering te kunnen afsluiten!

Voor ‘dikwijls gestelde vragen over verzekering’ kan je terecht op de site www.assuralia.be.

Tekst: Jef Sels

Links

www.assuralia.be

Niet gevonden wat je zocht?

Probeer het nogmaals in onze zoekmachine.

Gerelateerde artikels