Bekijk de galerij In beeld: Wonen en werken in een oude nylonfabriek

In beeld: Wonen en werken in een oude nylonfabriek

Renovatie, Renovatie appartementen en loften, Reportages

Zonder ernaar te zoeken, vonden Veerle en Koenraad van KOVE Interior Architects een pand dat plaats biedt voor al hun passies: architectuur, interieur en kunst. Ze wonen en werken nu in een oude nylonfabriek van 1.200 vierkante meter die ze eerst terugbrachten naar haar oorspronkelijke staat en dan een hedendaagse touch gaven.

In de jaren 1950 werden de eerste naadloze panty’s hier gebreid. Later werd het een opslagplaats voor onder meer autobanden en drank, en net voor Koenraad en Veerle er hun project van maakten, was het zelfs een skatepark.

Zeven jaar geleden zagen Veerle dit fabrieksgebouw voor het eerst te koop staan. In die periode waren zij en Koenraad op zoek naar een grotere ruimte voor de showroom van hun zaak KOVE Interior Architects. “Maar van 100 naar 1.200 vierkante meter was een te grote sprong vonden we, dus lieten we het in eerste instantie aan ons voorbij gaan. Bovendien woonden we toen ook al in een loft en zochten we geen nieuwe woonst. Na een jaar stond het nog steeds te koop en overwogen we het opnieuw, maar deze keer bekeken we het op een andere, creatievere manier. We besloten stukken af te breken om een parking, tuin en binnentuin te creëren en het resterende stuk op te delen in twee helften: de ene om te wonen en de andere om te werken.”

Oorspronkelijk karakter

“Wat wij met KOVE altijd trachten te doen, is een pand terugbrengen naar zijn oorspronkelijke staat. We stellen ons de vraag wat de architect voor ogen had en werken daar naartoe. Vaak betekent dat dat we komaf maken met bepaalde toevoegingen of ingrepen die het gebouw doorheen de jaren niet ten goede zijn gekomen, zo geven we het zijn oorspronkelijk karakter terug. Hier zijn twee aanbouwen om die reden gesneuveld. Met de vrijgekomen ruimte maakten we enerzijds een parking voor onze zaak, met de andere een privétuin.”

Hetzelfde gold voor de gevel. De bovenste verdieping – waarvan de buitengevel nog mooi intact was – werd aan de binnenkant geïsoleerd. De benedenverdieping – waar door het afbreken geen authentieke muren meer stonden – kreeg een isolatielaag aan de buitenkant. Het resultaat is een buitengevel met oude rode bakstenen enerzijds en gelakte aluminium anderzijds. “Je ziet nog heel goed dat het ooit een fabriek was, ondanks het nieuwe materiaal dat we hebben toegevoegd. Hadden we het volledig ingepakt, dan zag ons huis er nu uit als een nieuwe hangar en dat wilden we niet.”

Gericht naar het noorden

In totaal telt het gebouw nu maar liefst veertig ramen. Een deel daarvan vervangt de oude raamopeningen en is nagemaakt naar dat model, terwijl in de nieuwe muren grote strakke raampartijen zijn aangebracht.

Toen Veerle en Koenraad het pand voor het eerst kwamen bekijken, was het er donker. “Alle ramen waren dicht getimmerd, maar daglicht vinden we in elk project erg belangrijk dus hebben we het heel goed bestudeerd – hoe valt het binnen en hoe beweegt het? – en de indeling van onze woning daaraan aangepast. Zo ontbijten we in het zonnetje, hebben we overdag veel licht in de kantoren en kunnen we op het einde van de dag genieten van de avondzon aan onze eettafel. En dat terwijl dit pand nochtans naar het noorden gericht is”, zegt Veerle. Om die reden werd op de eerste verdieping ook nog een binnentuin aan de zuidkant gecreëerd, die trekt nog meer licht naar binnen.

Samen wonen en leven

Veerle benadrukt dat wonen in een loft wel een bepaalde manier van leven met zich meebrengt. Er is veel openheid waardoor je echt samenwoont en -leeft. “Voor de kinderen hebben we een blok op de eerste verdieping gemaakt. Daarin hebben ze elk een kleine slaapkamer met een bed en nachtkastje, maar meer niet. Hun bureau, kleerkasten en badkamer bevinden zich daarbuiten, dat bevordert het samenzijn.” De slaapkamer van Veerle en Koenraad ligt aan de andere kant van de eerste verdieping en hun badkamer is dan weer geïntegreerd in een gang met kastenwand van muur tot muur.
Ook de benedenverdieping is helemaal open. Met een rek en een niveauverschil worden bepaalde ruimtes wel visueel wat van elkaar afgescheiden. Zo ligt het tv-salon een halve meter hoger, wat hem extra knus maakt. De donkere muren versterken dat gevoel nog meer.

Vanuit de keuken en de woonkamer kijkt het gezin nu uit op een rustige tuin met weinig poespas. Het betonnen terras kleeft niet aan de loft, maar is gepositioneerd daar waar het meeste zonlicht valt. Er is een zwemvijver en er staan veertien knotwilgen. “Omdat we geen perfect gazon wilden, hebben we enkele takken van deze inheemse boom in de grond gestoken. In geen tijd hadden we volwaardige bomen die onze tuin extra karakter geven en onze woning van het nodige groen voorzien”, besluit Veerle.

Ontwerp Kove Interior Architects

Tekst Katrien Depoorter – Foto’s Yannick Milpas

Lees de volledige reportage in het oktobernummer van Ik ga Bouwen nr. 434

Niet gevonden wat je zocht?

Probeer het nogmaals in onze zoekmachine.

Gerelateerde artikels