Maak de rekening: hoeveel baksteen heb je nodig?

Maak de rekening: hoeveel baksteen heb je nodig?

Gevelbekledingen

Het aantal gevelstenen dat je nodig hebt om een muur op te metselen, hangt af van het formaat, maar ook van de gebruikte techniek om de stenen te plaatsen: metselen of verlijmen. Een woordje uitleg.

 

In de loop der eeuwen zijn er heel wat formaten ontwikkeld. Dit zijn de meest voorkomende:

  • Module 50 van 188 x 88 x 48 mm
  • Module 65 van 188 x 88 x 63 mm
  • Waalformaat van 210 x 100 x 50 mm
  • Waaldikformaat van 210 x 100 x 65 mm

Een nieuwkomer is het langformaat van 240 x 65 x 40 mm, 240 x 90 x 40 of 510 x 100 x 40 mm. Lange stenen zijn ideaal om horizontale lijnen te benadrukken. Je kan dat effect zelfs versterken door de stenen tegen elkaar te metselen, zodat de kopvoegen wegvallen en er alleen horizontale lintvoegen overblijven. Als je die voegen verdiept aanbrengt, ontstaat er een interessant schaduwspel.

Zowat alle fabrikanten leveren vandaag stenen met beperkte breedtes van 65 of 70 mm. Een functionele vernieuwing om meer plaats te maken voor isolatiemateriaal of … om aan bewoonbaar oppervlak te winnen. Geen overbodige luxe gezien de hoge prijzen voor bouwgrond en de soms erg kleine percelen. In een gemiddeld huis win je met smalle stenen algauw 3 tot 4 m².

 

Opvallende stenen vragen ook andere voegmethodes. Niet om technische redenen maar om de nadruk op de stenen te leggen, niet op de voegen. Vandaar het succes van dunmetselen en verlijmen. Beide methodes gebruiken dunne voegen en leveren een gevel op met een massief uiterlijk.

Verlijmen

Verlijmen doe je met een lijmmortel. Een ideale voeghoogte bij verlijming is 5 mm. Lijmmortel wordt aangebracht met een pistool of een spuitzak. Interessant: de lijm biedt een drie maal hogere hechtsterke dan dunmortel en is waterafstotend en dus ongevoelig voor mos. De kans op uitbloeiingen is bij verlijmen heel gering.

Dunmetselen

Dunmetselen gebeurt met een aangepaste mortel, die qua samenstelling tussen een lijmmortel en een gewone cementmortel zit. De voeghoogte varieert van 5 tot 8 mm. Om een dunmortel aan te brengen, gebruik je een truweel. Deze techniek is iets beter geschikt dan verlijmen, om grillige steenformaten met dunne voegen te verwerken.

Klassiek metselwerk

Ook klassiek metselwerk leent zich nu voor dunne voegen. Het geheim is een nieuwe steen met een uitgehold legvlak. Aan de voorkant zit tussen de stenen maar 4 mm. De mortellaag zelf heeft de klassieke dikte van 12 mm. Het grote voordeel is dat je voor dunne voegen niet langer een aannemer nodig hebt die kan verlijmen of dunmetselen.

 

De hieronder vermelde hoeveelheden zijn berekend op basis van een enkelvoudige muur in halfsteensverband voor de meest courante formaten.

Niet gevonden wat je zocht?

Probeer het nogmaals in onze zoekmachine.

Gerelateerde artikels