Uw aannemer aan de deur zetten?

Uw aannemer aan de deur zetten?

Recht en financiën

U bent niet tevreden van de aannemer met wie u in zee ging? U kunt dan onder bepaalde voorwaarden aan de samenwerking een einde maken. Hoe gaat u daarbij te werk?

De aannemer waar u een beroep op deed, blijkt toch niet de vakman te zijn waarvoor hij zich uitgaf. Hij komt meer niet dan wel op de werf of het klikt gewoonweg niet met hem. Of misschien vond u sedert u met hem in zee ging, een andere aannemer die dezelfde werken voor u wil uitvoeren tegen een heel wat lagere prijs… In dat geval wilt u misschien wel een einde maken aan de samenwerking met de eerste aannemer en een beroep doen op een andere. Maar kan dat wel?

Een contract is een contract

Indien u een aannemingsovereenkomst afsloot met een aannemer, bent u daar in de regel door gebonden. U kunt dus niet zonder meer met een andere aannemer in zee gaan en de eerste overeenkomst als onbestaande beschouwen. Het is trouwens niet omdat er niets op papier staat, dat er geen overeenkomst is. Een overeenkomst kan ook mondeling zijn aangegaan. In dat laatste geval zal de aannemer bij discussie het bestaan van de overeenkomst wel moeten bewijzen.

Maar hoe kunt u dan wel onder het eerste contract onderuit geraken? Vooreerst is het mogelijk dat u met de aannemer tot een akkoord komt om de samenwerking te stoppen (bijvoorbeeld omdat hij het ook niet meer ziet zitten om uw werf verder af te werken of omdat u hem een bepaalde schadeloosstelling betaalt). Komt u tot een dergelijk akkoord, dan zet u dat het best ook op papier. In die schriftelijke overeenkomst vermeldt u beter meteen ook wie van u beiden aan de andere nog welke bedragen verschuldigd is. Bepaal tevens dat door uw akkoord de wettelijke (en/of contractuele) garantie die de aannemer u diende te geven, niet vervalt en blijft bestaan.

De aannemer begaat fouten

Beging de aannemer fouten – zijn werk is lamentabel, hij duikt gewoonweg niet meer op,… -, dan zou u eraan kunnen denken de aannemingsovereenkomst te (laten) ontbinden ten laste van de aannemer. In dat geval komt er dus een einde aan de aannemingsovereenkomst en kunt u bovendien eventueel een schadevergoeding vragen van de aannemer voor de schade die u door zijn handelswijze hebt geleden. Om dat te kunnen doen, moet u wel rekening houden met een aantal spelregels.

Vooreerst is het mogelijk dat er in de overeenkomst die u met de aannemer afsloot, een zogenaamd ‘uitdrukkelijk ontbindend beding’ staat. Een dergelijke clausule geeft een aantal omstandigheden aan waaronder u de aannemingsovereenkomst kunt laten ontbinden ten laste van de aannemer. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als de aannemer de werken op een welbepaalde datum niet heeft aangevat of als hij failliet gaat (zie kader).
In de regel zal zulke bepaling niet in de modelcontracten staan die uw aannemer u voorlegt. U zult die clausule dus zelf moeten inlassen op het moment van het aangaan van de overeenkomst. Zorg er daarbij overigens voor dat de clausule goed geformuleerd is. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk dat het ontbindend beding ‘van rechtswege en zonder ingebrekestelling’ toepassing vindt.

Naar de rechtbank?

Staat er geen ‘uitdrukkelijk ontbindend beding’-clausule in de overeenkomst, dan moet u in de regel langs de rechtbank gaan om de overeenkomst te laten ontbinden. U zult daarvoor moeten kunnen aantonen dat er een voldoende ernstige tekortkoming is vanwege de aannemer en dat u die hiervoor ook in gebreke heeft gesteld. Voor een dergelijke procedure doet u het best een beroep op de diensten van een advocaat. Het nadeel van die werkwijze is echter dat zulke procedure een lange tijd in beslag kan nemen. Gedurende die periode riskeert u dan ‘geblokkeerd’ te zitten en uw werf niet verder te kunnen afwerken.

Om te vermijden dat u gedurende geruime tijd moet wachten op een uitspraak van de rechtbank, bestaat een alternatief erin de overeenkomst in bepaalde gevallen zelf als ontbonden te beschouwen, ook als er geen uitdrukkelijk ontbindend beding in uw overeenkomst staat. In de praktijk noemt men dit de zogenaamde ‘buitengerechtelijke ontbinding’ van de overeenkomst. Om hierop een beroep te kunnen doen, moeten wel een aantal strikte voorwaarden vervuld zijn. Meer bepaald moet u de aannemer in eerste instantie in gebreke stellen en hem er op wijzen wat hij fout doet (bijvoorbeeld: hij begint niet op tijd met de werken of voert die niet volgens de regels van de kunst uit.

U dient tevens te vermelden dat als hij de werken niet binnen een bepaalde termijn uitvoert of zijn werk binnen een bepaalde termijn niet degelijk verricht, u de overeenkomst als ontbonden zult beschouwen. Is die termijn verstreken zonder dat de aannemer voldoet aan uw verzuchtingen, dan kunt u de ontbinding vaststellen zonder daarvoor langs de rechtbank te moeten passeren. Voorwaarde is ook dat de tekortkoming voldoende ernstig is en de zaken zo dringend zijn dat het beroep doen op de rechtbank eigenlijk niet kan afgewacht worden.

Houd er wel rekening mee dat deze werkwijze lang niet zonder gevaar is. Meent de rechtbank namelijk achteraf dat u voorbarig en onterecht handelde, dan kunt u worden veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding. Laat u dan ook goed adviseren vooraleer u zulke verregaande stap onderneemt.

Beëindigen zonder reden

U kunt als bouwheer ten slotte ook altijd de aannemingsovereenkomst beëindigen (zelfs als de aannemer al met de werken begonnen is) mits u aan de aannemer een schadevergoeding betaalt. U hoeft daarvoor zelfs geen enkele reden aan te geven en uw beëindiging ook niet te motiveren. De verbreking in kwestie is niet aan bepaalde formaliteiten onderworpen en heeft onmiddellijke uitwerking. U dient in zulk geval de aannemer wel te vergoeden voor al zijn uitgaven, voor al zijn arbeid en voor de winst die hij bij de aanneming had kunnen maken.

Er wordt trouwens aanvaard dat deze regel toepassing vindt op alle aannemingsovereenkomsten. Voorwaarde is wel dat er in het contract dat u met de aannemer afsloot, geen afwijkende regeling staat. Met andere woorden: men kan dit recht dus contractueel uitsluiten. Bovendien kan men ook de schadevergoeding die u als bouwheer aan de aannemer moet betalen contractueel vastleggen, wat in de praktijk geregeld gebeurt.

Uw aannemer gaat failliet

Indien uw aannemer failliet gaat, leidt dat niet tot een automatische beëindiging van de aanneming, tenzij u zulks expliciet hebt voorzien in overeenkomst. Staat er geen dergelijke clausule in het contract, dan moet u een aangetekende brief schrijven aan de curator waarin u hem aanmaant om te kiezen of de aannemingsovereenkomst al dan niet zal worden verder gezet.

De curator heeft vervolgens 15 dagen de tijd om een beslissing te nemen. Neemt de curator binnen die termijn geen beslissing, dan wordt verondersteld dat hij de werken niet verder zet. U kunt dan met een andere aannemer in zee gaan.

Wat onthouden we?

  • Indien u een overeenkomst afsluit met een aannemer, dan bent u erdoor gebonden. U kunt er dan ook niet zomaar onderuit, zelfs niet als de aannemingsovereenkomst mondeling werd aangegaan.
  • Stelt u een wanprestatie van de aannemer vast, ga dan na of er in de overeenkomst een uitdrukkelijk ontbindend beding staat dat u toelaat de overeenkomst om die reden ook te ontbinden.
  • Bij gebreke aan een uitdrukkelijk ontbindend beding dient u bij een wanprestatie in de regel naar de rechtbank te gaan om de ontbinding van de overeenkomst ten laste van de aannemer te laten vaststellen. Met een buitengerechtelijke ontbinding dient u voorzichtig om te gaan. Pas die niet toe vooraleer gespecialiseerd advies te hebben ingewonnen.
  • Tenzij er in de aannemingsovereenkomst iets anders is voorzien, kunt u de overeenkomst altijd beëindigen mits betaling van al wat de aannemer al presteerde en mits u hem vergoedt voor de gederfde winst.

Jan Roodhooft

Niet gevonden wat je zocht?

Probeer het nogmaals in onze zoekmachine.

Gerelateerde artikels