Voor- en nadelen van de verschillende materialen

Ramen, deuren en poorten

Ramen en deuren vragen om een regelmatig onderhoud willen ze mooi blijven en lang dienst doen. Elke materiaalsoort stelt zijn eigen eisen die wij hier onder de loep nemen.

Ramen en deuren vragen om een regelmatig onderhoud willen ze mooi blijven en lang dienst doen. Elke materiaalsoort stelt zijn eigen eisen die wij hier onder de loep nemen.

Onderhoud van ramen en deuren betekent voor de meesten onder ons het schilderen of beitsen van houten buitenschrijnwerk. Maar ook alu en PVC vragen om (weliswaar minder) regelmatige zorg. Modern buitenschrijnwerk is uitgerust met hoogwaardig hang- en sluitwerk. Dit is uitgevoerd in materialen die weerstaan aan ons Belgisch klimaat, maar een minimum aan onderhoud blijft nodig voor een correcte en duurzame werking.

Kunststof en aluminium: aangepast behandelen

Buitenschrijnwerk in PVC en alu vragen weinig dagelijks onderhoud. Als je de ramen wast, was dan ook het schrijnwerk mee (inzepen, spoelen en drogen). Op die manier verwijder je alvast stof, zand en eventueel algen (groen wier) en schimmels. Kies wel voor een zacht reinigingsproduct, zure middelen (zoals bv. azijn) tasten het aluminium aan.

Ook wat de grote schoonmaak betreft, stellen PVC en aluminium specifieke eisen.

Op het vlak van aluminium maakt men bijvoorbeeld onderscheid tussen naturel, blinkend en mat aluminium. En tegenwoordig is er ook aluminium met een metallic look op de markt. Voor elke soort bestaan er inmiddels speciale onderhoudsproducten (verkrijgbaar bij gespecialiseerde zaken) die de levensduur verlengen, maar die er ook voor zorgen dat het metaal langer zijn mooie uitzicht behoudt. Meestal wordt aangeraden om één à twee keer per jaar het metaal een grondige beurt te geven.

PVC wordt meestal in de massa gekleurd. En die kleur kan op de lange duur te lijden hebben van de weersomstandigheden. Maar ook hiervoor zijn er speciale producten op de markt, waardoor het PVC langer zijn originele kleur en glans behoudt.

Aluminium en PVC zijn gevoeliger voor krasjes dan hout. Wie heeft immers nog nooit met zijn sleutel naast het sleutelgat gezeten? Na verloop van tijd ontstaat er dan een lelijke kring van krasjes. Maar ook hiervoor bestaat een oplossing: door de beschadigde zone te behandelen met een aangepast product worden de krasjes lichtjes weggewerkt en zijn ze alvast veel minder zichtbaar.

De kleur van aluminium of PVC schrijnwerk veranderen is minder evident dan wanneer u gewoon gelakte houten ramen heeft. Het is prijzig en moet gebeuren door een vakman, maar in een aantal gevallen is het wél mogelijk om de kleur te wijzigen.

Houten schrijnwerk: meer aandacht en iets meer werk

Hout is een natuurproduct. Wordt het onbeschermd aan weer en wind overgelaten, dan zal de opeenvolging van natte en droge perioden ervoor zorgen dat het hout gaat werken. Daardoor kunnen houtverbindingen los gaan zitten en zo nog meer water binnenlaten waardoor het houtwerk verder beschadigd wordt. UV-stralen werken in op onbehandeld hout en veroorzaken verkleuring en verwering van het hout.

Hout wordt daarom beschermd door een beitslaag (transparant of dekkend) of een verflaag.

Een lichtgekleurde, gesloten en dus glanzende afwerklaag geeft de beste bescherming. Een witte glansverf is daarom van technisch standpunt uit een goede keuze. Want wit weerkaatst de zonnewarmte: daardoor zal de verflaag minder opwarmen en minder verweken en dus minder aangetast worden door rondvliegende stof- en zanddeeltjes. Regent het plots, dan zal de minder warme verflaag ook minder te lijden hebben van de temperatuursschok. Glanzend wil ook zeggen een meer gesloten oppervlak. Dus ook hier weer beter bestand tegen stof, zand, water.

Fabrikanten zorgen er trouwens voor dat het leven makkelijker wordt. Zo is er zelfreinigend glas op de markt dat zichzelf schoon spoelt bij de eerstvolgende regenbui. Gebruik je zelfreinigende gevelverven (bv. De Keyn Gevels, een zelfreinigende acrylaatverf) dan worden vuil en stof op de gevel door de regen afgespoeld. Voorlopig ziet het er echter niet naar uit dat we ook zelfreinigende verven voor buitenschrijnwerk mogen verwachten.

Beits of verf?

Beitsen worden dikwijls gekozen, omdat ze niet filmvormend zijn en dus niet afbladderen. Daardoor zijn ze makkelijk bij te werken: licht afschuren en ontstoffen volstaat, waarna een nieuwe laag kan aangebracht worden.

Met beits kunnen ook minder handige personen een goed resultaat bereiken: zakkers, uitlopers, borstelstreken… die bij verven voorkomen, zijn makkelijker te vermijden bij het gebruik van beits.

Beitslagen worden wel liefst elk jaar gecontroleerd en waar nodig bijgewerkt. Een grondige vernieuwing van de beitslagen is nodig om de twee tot drie jaar.

Bij de controle let je vooral op schrijnwerk aan westkant (= regenkant) en zuidkant (= zonkant) van de woning: daar zullen de eerste beschadigingen of verweringen van de beitslagen optreden. Aan het raam of de deur zelf, zijn het de onderkanten die het eerst beschadigd worden door aflopend regenwater. De bovenkant en de zijkanten zijn meestal (gedeeltelijk) beschermd door het omringende metselwerk.

Verven zijn meestal wel filmvormend en kunnen dus afbladderen. Het valt dus makkelijker en sneller op als de verflaag beschadigd is. Een jaarlijkse controle en plaatselijk bijwerken van kleinere foutjes maakt het mogelijk om de grote verfklus nog uit te stellen. Toch zal de verflaag volledig moeten vervangen worden na 4 tot 5 jaar.

De keuze tussen verf of beits blijft erg persoonlijk, want smaken en kleuren verschillen. Het technisch gezien beste product is niet altijd het meest esthetische en esthetiek is in dit geval minstens even belangrijk.

Verven: een hele klus!

In vergelijking met beitsen vraagt verven meer werk. Maar het moet minder vaak gebeuren.

– de verflaag moet volledig verwijderd worden (anders wordt de verflaag te dik);

– verwijderen gebeurt met een heteluchtpistool of met chemische verfstrippers (minder milieuvriendelijk!);

– daarna opschuren en ontstoffen (best met water, indien je een verf op waterbasis zal gebruiken, anders met white spirit of een door de fabrikant aangeraden product);

– kleine beschadigingen in het houtwerk kunnen met een aangepaste filler worden dichtgestopt;

– daarna wordt een grondverf gebruikt (dit is een iets dikkere verf die onregelmatigheden mooi opvult) in dezelfde kleur als de uiteindelijke afwerklaag;

– de droge grondverf wordt opgeschuurd, waarna soms een tussenlaag wordt aangebracht;

– pas nu kan de afwerklaag of aflaklaag worden aangebracht.

Onderhoud van hang- en sluitwerk

De scharnieren en bevestigingspunten en het sluitingsmechanisme van ramen en deuren moeten regelmatig onderhouden worden. Profiteer van het wassen van je ramen om ook deze delen mee te reinigen met een vochtige doek. Tweemaal per jaar – in de lente en in het najaar – kan je deze bewegende delen lichtjes oliën. Producten met siliconen of met teflon hebben zeer goede smerende eigenschappen. Het bijgeleverde sproeislangetje laat toe om ook moeilijker bereikbare plaatsen te oliën.

De rubberen afdichtingen rond ramen en deuren worden meegewassen als je de ramen reinigt en ze worden goed gedroogd met een niet-pluizend doek. Dit is belangrijk, want het zijn deze dichtingen die zorgen voor de goede water- en winddichtheid van raam of deur.

Jef Sels

Tips

TIPS

– Verfafval moet met het klein chemisch afval worden meegegeven, evenals verfrestjes.

– Fabrikanten van verf spreken meestal van een systeem: grondlaag, tussenlaag en eindlaag. Producten van hetzelfde merk en dezelfde familie (op waterbasis of op basis van oplosmiddelen) zijn compatibel met elkaar en kunnen zonder risico worden gebruikt. Producten van verschillende merken door elkaar gebruiken daarentegen kan aanleiding geven tot problemen.

– Voor acrylverven (op waterbasis) zijn er speciale borstels die synthetische haren combineren met varkenshaar voor de juiste soepelheid. De haren zijn meestal licht van kleur. Voor alkydverf (op basis van oplosmiddelen) heb je een wat stuggere borstel van varkenshaar nodig. Deze borstels zijn meestal zwart van kleur.

– Voor transparante beitsen kan je het beste platte borstels gebruiken. Dan zie je de borstelaanzet het minst.

– Schilderen of beitsen doe je uiteraard als het droog is. Maar doe het ook niet in volle zon. De verf zou dan te snel drogen en kunnen gaan bladderen. Als je ‘s morgens vroeg begint, start de werken dan aan de noordkant, vervolgens de oostkant en zo verder de zon volgend.

Niet gevonden wat je zocht?

Probeer het nogmaals in onze zoekmachine.

Gerelateerde artikels