Vrijwilligers aan het werk

Vrijwilligers aan het werk

Recht en financiën

Kunnen we zelf bouwen of renoveren met de hulp van vrijwilligers - familieleden, buren en/of vrienden? Aan welke afspraken moeten we ons dan houden als we geen sociaal-, fiscaal- en strafrechtelijke inbreuken willen plegen?

Kunnen we zelf bouwen of renoveren met de hulp van vrijwilligers – familieleden, buren en/of vrienden? Aan welke afspraken moeten we ons dan houden als we geen sociaal-, fiscaal- en strafrechtelijke inbreuken willen plegen?

Wie heeft er al geen beroep gedaan op een broer, vriend, ouder of buur voor de renovatie van een keuken of de inrichting van een uitbouw? Sommige bouwheren laten enkel de gesloten ruwbouw optrekken en staan daarna zelf in voor de afwerking. Om op het aantal arbeidsuren te besparen, schakelen we enkele handige bekenden in om ons op vrijwillige basis te komen helpen. Maar mag dat wel?

Het mag, onder voorwaarden

De regel is eenvoudig: we mogen zelf bouw- of renovatiewerken uitvoeren. Ook de gratis hulp van anderen is toegestaan, onder bepaalde voorwaarden. Enkel verwanten tot in de tweede graad (ouders, grootouders, broers en zussen, schoonbroers en schoonzussen, kinderen en kleinkinderen én hun partners) mogen een handje toesteken.

De graad van verwantschap is een juridisch begrip dat hoofdzakelijk in het kader van erfenissen en schenkingen wordt ingeroepen. Het gaat om het aantal generaties in rechte lijn of in de zijlijn. Om de graad van verwantschap te berekenen, wordt teruggegaan op een gemeenschappelijke voorouder. Tussen vader en zoon zit één graad (rechte lijn). Kleinkinderen en grootouders zijn verwanten in de tweede graad, net als broer en zussen. De volgende graad heeft betrekking op overgrootouders en achterkleinkinderen, ooms en tantes en neven en nichten (kinderen van broers en zussen). De vierde graad verwijst naar kinderen van ooms en tantes.

Bij de bouw of de renovatie van een ‘sociale woning’ is de hulp van familieleden tot in de vierde graad toegelaten. Het probleem daarbij is dat de wet niet omschrijft wat een ‘sociale woning’ precies is.
Is een verwant werkloos, dan moet die op zijn controlekaart aanduiden op welke dagen hij vrijwilligerswerk deed (behalve indien hij met vervroegd pensioen is). Voor de dagen waarop hij op de werf werkte, ontvangt hij geen uitkering, behalve mits toelating van de adviserend geneesheer. Diezelfde redenering wordt aangehouden als de verwant recht heeft op de tussenkomst van het ziekenfonds.

Sancties

Worden de werken uitgevoerd door vrienden of verre familie, dan loopt u het risico dat de geleverde prestaties met zwartwerk worden gelijkgesteld. Daaraan zijn verschillende sancties verbonden.

1. De helper is een natuurlijk persoon

De bouwheer zal als werkgever worden beschouwd, omdat er juridisch wordt uitgegaan van een hiërarchische relatie tussen bouwheer en helper. In dat opzicht kan de bouwheer worden verweten dat hij niet alle aanwervingsformaliteiten (DIMONA-inschrijving, fiscale verplichtingen, RSZ-bijdrage, vergoeding, naleving arbeidsvoorwaarden,…) vervulde. De daaraan verbonden sancties kunnen erg zwaar uitvallen.
In het gloednieuwe Sociaal Strafwetboek1 werden pecuniaire sancties (strafrechtelijke en administratieve boetes) en gevangenisstraffen ingesteld. Zonder in detail te treden, kunnen we u meegeven dat er vier types bestraffingen bestaan.

De werknemer van zijn kant, riskeert ‘enkel’ fiscale sancties voor niet aangegeven arbeidsuren. De fiscale administratie zal de niet-doorgegeven uren sowieso belasten en bovenop verwijlintresten en een boete opleggen. Aangezien het om zwartwerk gaat, duikt meteen een ander gevaar op: het feit dat voor de geleverde arbeid geen sociale bijdragen werden doorgestort, kan leiden tot een volledig verlies van sociale dekking.

Is de werknemer een buitenlander zonder verblijfs- of arbeidsvergunning, dan loopt die eveneens het risico gestraft te worden omdat hij niet wettelijk op het nationaal grondgebied verblijft (bevel om het land te verlaten, uitwijzing, opsluiting in een gesloten centrum,…).

2. De helper is een zelfstandige

Wees voorzichtig wanneer u hulp vraagt aan een familielid dat in de bouwsector actief is (als loodgieter, metselaar, dakdekker,…). Werkt de helper als zelfstandige en helpt hij u duidelijk vanuit zijn beroepservaring, dan is er sprake van fraude als er geen facturen werden opgemaakt. Bovendien kunt u zich als bouwheer niet op de garantie beroepen indien het werk slecht werd uitgevoerd. Een bouwheer hangen tot slot zware boetes boven het hoofd indien niet werd voldaan aan de formaliteiten verbonden aan de inschakeling van een zelfstandige (inschrijving bij een sociaal verzekeringsfonds, inschrijving in de KBO,…).

3. De bouwheer (of de helper) is werkloos

Dat een werkloze een uitkering zou kunnen combineren met inkomsten uit activiteiten in de bouwsector, is ondenkbaar. Het is net zo ondenkbaar dat een werkloze eigenaar zijn pand niet zou kunnen onderhouden omdat hij werkloos is. Precies daarom heeft de bouwheer wettelijk het recht activiteiten uit te voeren met het oog op een normaal beheer van zijn eigendom. De tijd die daaraan wordt besteed, mag het zoeken of aanvaarden van een baan wel niet in de weg staan. Komen in aanmerking: onderhouds- en herstellingswerken gericht op de vrijwaring of verbetering van het comfort in huis (opfrissen, schilderen, behangen,…). Worden uitgesloten: ruwbouw (optrekken van een uitbouw, bouw van een garage,…). Uitzondering: een bouwheer met vervroegd pensioen mag werken uitvoeren om de waarde van het pand te verhogen zonder die arbeidsdagen op zijn controlekaart te vermelden. Werken om het pand te huur of te koop te stellen, zijn echter niet toegelaten.

Wordt er met tussenpozen gewerkt, dan moet de werkloze bouwheer de werkdagen vooraf op zijn controlekaart aanduiden, zelfs als het om feestdagen gaat. Ook het aantal uren (1 tot 8) dat per dag werd gewerkt, moet worden doorgegeven. Elke werkdag is hoe dan ook een dag waarvoor geen uitkering wordt toegekend. Diezelfde regels gelden voor werkloze helpers. Daar komt bij dat die als zwartwerkers kunnen worden beschouwd. Werken ze toch reglementair, dan kan de RVA hen beschouwen als zelfstandigen in bijberoep, met alle gevolgen van dien…

4. De bouwheer (of de helper) krijgt een ziekte- of invaliditeitsuitkering

Wie om medische redenen geen beroepsactiviteit uitoefent, heeft recht op een uitkering. Ontvangt u een uitkering en oefent u toch zonder akkoord van de adviserende geneesheer een beroepsactiviteit uit – al is het maar als vrijwilliger – dan kunt u zwaar worden gestraft. Enerzijds wordt u vanaf de eerste werkdag als arbeidsgeschikt beschouwd en moet u alle uitkeringen die u sinds die dag ontvangen hebt, terugbetalen. Anderzijds kan u een administratieve sanctie worden opgelegd ten belope van minimaal 10 en maximaal 100 uitkeringsdagen.

Welke diensten strijden tegen sociale fraude?

De overheid riep een orgaan in het leven dat de strijd tegen zwartwerk en fraude moet centraliseren en structureren: de SIOD (Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst). Die werkt samen met juridische overheden (arbeidsauditoraat, gerechtelijke politie,…) en sociale inspectiediensten (FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, FOD Sociale Zekerheid, RVA en RSZ). De SIOD bracht in 2008 een overzichtelijke brochure uit waarin de rol van al die instellingen wordt toegelicht2. In het ‘Voorwoord’ lezen we: “Deze publicatie richt zich tot iedereen die belang hecht aan de strijd tegen de illegale arbeid en de sociale fraude: werkgevers, werknemers, het grote publiek, leden van een administratie, of in een breder perspectief elke persoon die betrokken is bij deze problematiek.” Het gloednieuwe Sociaal Strafwetboek vormt het sluitstuk van de middelen die in de strijd tegen sociale fraude worden ingezet.

En de btw?

De eigenaar van een nieuw opgetrokken pand moet de bouwfacturen vijf jaar bewaren (te rekenen vanaf de datum van betekening van het kadastraal inkomen) en moet die op verzoek aan een btw-controleur kunnen voorleggen. Kan hij dat niet, dan wordt er – tot bewijs van het tegendeel – van uitgegaan dat er op de niet-voorgelegde facturen geen btw werd betaald.

Met andere woorden: voor elke nieuwbouw moeten er in principe facturen bestaan ten belope van de normale waarde van de geleverde diensten. Wie zijn eigendom zonder hulp van vakmensen wil bouwen of renoveren, moet het tegendeel bewijzen en met name binnen de drie maanden na betekening van het kadastraal inkomen een verklaring met een gedetailleerd overzicht van de bouwfacturen waarop btw is betaald, aan de administratie bezorgen.

Deden helpers zwartwerk, dan zal de normale waarde van de constructie hoger liggen dan wat de bouwheer aangaf, aangezien hij geen facturen ontving. De administratie kan het tekort vaststellen en de bouwheer hierover aan de tand voelen. Die moet alles wat hij aangaf, kunnen bewijzen. Werk dat volgens de administratie enkel door een vakman kan zijn uitgevoerd, wordt meestal niet in rekening gebracht. Op het einde van de rit zal de bouwheer worden belast op het verschil tussen de aangegeven en de reële waarde én kunnen hem eventueel boetes worden opgelegd.

Wie zelf wil bouwen of renoveren, mag zich dus alleen laten helpen door mensen die wettelijk op de werf mogen werken. Een foute keuze – al dan niet te goeder trouw – kan u héél duur te staan komen…
Voor meer informatie kan u terecht bij de Federale Raad voor de Strijd tegen de Illegale Arbeid en de Sociale Fraude3 of bij de centrale administratie4.

Philippe Van Someren

Niet gevonden wat je zocht?

Probeer het nogmaals in onze zoekmachine.

Gerelateerde artikels